Chocopasta, pindakaas en een eetstoornis op je boterham

Chocopasta, pindakaas en een eetstoornis op je boterham

640 452 Laura van Kleef

Broodbeleg en een eetstoornis. In mijn praktijk en ook vanuit mijn eigen eetstoornisverleden weet ik dat het beleggen van een boterham een behoorlijke klus kan zijn. Ik heb het dan niet over de magere varianten die je vast wel tot je neemt, zoals kipfilet, rookvlees of een veilig boterham met hummus. Het gaat hier over boter, pindakaas, chocopasta, vlokken, heerlijke 48+ kaas, romige geitenkaas en van dat soort dingen. Als ik nu terugkijk op die periode dat ik mezelf nog niet eens een boterham met hagelslag gunde, denk ik echt: jeetje Lau, waarom was dat zo eng? Waar verdeed ik mijn tijd aan? En waar gaat dit nu eigenlijk over?

Stap voor stap uitdagingen aangaan

Je hoeft echt niet in één keer én pindakaas, hagelslag en 48+ kaas op je boterham te doen. Het vertrouwen in jezelf en in je lichaam moet weer groeien. Dat gaat stap voor stap. Begin met een uitdaging die jij weer zou willen kunnen. Voel en ervaar. Voor je lichaam maakt het écht geen klap uit of iets nou 40 kcal meer bevat dan wat je normaal eet. Je hoeft geen calorieën te tellen. Daar is nog nooit iemand voor afgestudeerd of gelukkig door geworden. Wat kan helpen is om voor jezelf of samen met je therapeut een lijst met uitdagingen te maken en elke week een nieuwe uitdaging hiervan aan te gaan. Als een soort bucketlist. Zo heb ik dat tijdens mijn herstelperiode gedaan. En ja…dat vond ik het eerste jaar zeker spannend. Weer leren een appelflap te eten, een belegd broodje in de stad, een gebakje op een verjaardag of een ‘simpel’ belegde boterham met hagelslag. Stap voor stap, op het tempo wat voor jou haalbaar is (niet voor de eetstoornis).

Ik at 30+ kaas dat naar plastic smaakte. Dag plakje ging ook nog eens doormidden. Ik praatte dit voor mezelf goed door tegen mezelf te zeggen dat ik mijn boterham toch dubbel vouwde. Achteraf gezien denk ik: ‘arm meisje, dat smaakte echt nergens naar’

Overbodig en niet nodig, toch?

Vaak hoor ik ‘de smoes’: ‘ik heb geen boter om mijn boterham nodig. Of die mayonaise bij de friet of dressing in salade vind ik echt overbodig.’ Waar het écht over gaat is dat je het hartstikke spannend vindt. Dat je bang bent om de controle te verliezen en je niet precies weet hoeveel vetten, calorieën er dan in je salade met dressing zitten. En natuurlijk zit daaronder nog een diepere angst. Immers gaat het eigenlijk niet over het eten. Maar veel meer over angst, schaamte, pijn, verdriet en allerlei emoties die er onder de eetstoornis verschuilt liggen. Jezelf op de pindakaas, chocopasta en calorieën focussen, brengt je af van waar het daadwerkelijk over gaat. Als je je met het eten bezighoudt, hoef je niet naar de moeilijke en pijnlijke stukken te kijken. Ja toch? Want dat wordt vaak als moeilijk, verdrietig en pijnlijk ervaren. Net zo goed als ieder ander heeft jouw lichaam ook vetten, eiwitten, calorieën (energie), vitaminen en mineralen nodig. Dat weet je ook wel. In de coachsessies kijk ik niet direct naar het eetstuk, maar juist naar het onderliggende: Wat is de angst die je ervaart? Waar in je lichaam voel je die? Wat gebeurt er als je de angst helemaal toelaat? Waar komt de angst vandaan? Welke stap(pen) kan jij zetten om juist wél datgene te gaan doen wat jou helpt? Ik laat je niet zwemmen, maar help je er juist bij.

Hoeveel is normaal?

Ik heb jarenlang geen hagelslag, pindakaas, banaan of andere ‘uitdagingen’ op brood durven te eten. Zelfs brood werd op een gegeven moment vervangen voor luchtige crackers. Met een plak kipfilet kon ik prima uit de voeten, dat voelde ‘veilig’.  Mijn beleg uitbreiden met pindakaas, hagelslag, kaas en andere dingen riep in het begin veel paniek op. Als ik het probeerde, was de hagelslag volgens mijn ouders bijna te tellen. In mijn hoofd was een klein beetje al veel te veel.  Weer een food struggle erbij: hoeveel beleg smeren is eigenlijk normaal? Je boterham goed en eigenlijk ‘heel normaal’ beleggen is voor veel mensen met een eetstoornis een punt van discussie. Afwegen met een weegschaaltje zou ik je sowieso afraden. Dat houdt de controle alleen maar in stand. Wat kan helpen in het begin om van het afwegen af te komen, is om voorverpakte kuipjes te kopen van chocopasta, pindakaas, hagelslag etc. Deze bevatten 15 g. De vuistregel is dat de boterham in ieder geval niet meer zichtbaar mag zijn onder het beleg. Bij plakjes kipfilet betekent dit dat je 2 plakjes nodig hebt om je boterham te beleggen. Inmiddels vind ik de kuipjes van 15 gram écht weinig. Nou dat was tijdens mijn eetstoornis wel anders. Gek hoe hoe het beeld van de eetstoornis je dingen aanpraat! Wat ook kan helpen is het smeren tijdelijk uit handen te geven, bijvoorbeeld door je ouders of partner te laten smeren. Misschien niet leuk, maar zij hebben vaak een realistischer beeld van wat ‘normaal’ is.

Stel je voor dat ik te veel smeer…Nee!! dikke paniek! ‘Dan word je dik zegt de eetstoornis’ Pff..vermoeiend die struggle in je hoofd. En niet eens waar! Je lichaam heeft het nodig.

En wat dan als ik eetbuien heb?

Heb jij last van eetbuien? Dan herken je het van jezelf misschien wel dat je juist op zo’n moment een dikke laag chocopasta of pindakaas op je brood smeert met nog een extra dikke laag boter eronder. Vaak gebeurt dit wanneer je een lange periode streng bent tegen jezelf. Je gunt jezelf weinig en wilt de controle houden . Je laat lekkere dingen of tussendoortjes weg. En daar is de eetbui…Even laat je die sterke controle los en is er geen stoppen meer aan. Ik hoor dan ook vaak dat mensen die last hebben van eetbuien geen Nutellapot of pindakaas in huis halen, uit angst voor het leegeten van die pot tijdens een eetbui. Een eetbui ontstaat juist doordat je de controle veel te stevig in handen wilt hebben, juist wanneer je te strikt met jezelf en voeding omgaat. Wanneer jij jezelf iedere dag iets lekkers gunt, jezelf voed met voldoende en gevarieerde voeding en werkt aan het leren herkennen en uiten van de onderliggende emoties, dan heb je de eetbuien helemaal niet meer nodig.

Uiteindelijk is het belangrijk dat je een manier vindt die bij jou past. Niet vanuit de eetstoornis die toch vindt dat jij het magerste moet nemen (wat helemaal niet het gezondste is). Maar vanuit jouw gezonde kant. Een keuze die goed voor jou is. Die jouw lichaam voedt en herstelt. En zeker in je herstel, als je ondervoed bent (en ja ook mensen met een gezond gewicht kunnen ondervoed zijn), mag je extra calorierijke voeding eten. Ik hoop dat je wat aan de tips hebt. Mocht je nog vragen hebben, laat het dan gerust weten in de reacties onder deze blog.

Volg je mij al?